“DE GEMIDDELDE KOFFIEBOER KAN ZIJN PRODUCTIE-KOSTEN NIET EENS DEKKEN.”

Ronald van The Coffee Quest over het effect van de extreem lage wereldprijs voor koffie en hoe duurzame productie kan helpen

DIT IS: RONALD DE HOMMEL

Meer dan twintig jaar reisde Ronald de Hommel de wereld over als fotojournalist. In 2011 bleef hij in Colombia hangen, waar hij in 2012 The Coffee Quest oprichtte. Zijn missie: de aanvoerlijn van koffie inkorten, zodat er meer geld terechtkomt bij de boer. Inmiddels koopt hij met een team van twintig medewerkers koffie in bij meer dan duizend boeren in tien verschillende landen. Koffie die wordt verkocht in Europa en de VS.

Wat is er aan de hand in de koffiesector?

Ronald: “De prijs die een koffieboer ontvangt voor zijn bonen heeft weinig te maken met de kwaliteit of de kosten voor het produceren van de koffie. Zijn prijs wordt bepaald op de wereldmarkt, waar druk wordt gespeculeerd met ‘commodity coffee’. Dat is de koffie die wordt geleverd door gigantische farms in bijvoorbeeld Brazilië, vaak van mindere kwaliteit. Die wereldmarktprijs is al jaren extreem laag, waardoor de gemiddelde koffieboer zijn productiekosten niet eens kan dekken. Omdat de koffieprijs zo laag is gaan boeren zo efficiënt mogelijk produceren. Alles is erop gericht om op korte termijn zo veel mogelijk koffiebonen van het land te halen. Ze gebruiken veel pesticiden en halen alle schaduwbomen weg. Daardoor raakt de bodem uitgeput, en door het wegnemen van bomen verlies je de biodiversiteit. Zo zien we in de koffiegebieden van Colombia het aantal vogels en insecten enorm afnemen. En ook andere dieren verdwijnen. Als we zo doorgaan, dan gaat de koffieproductie omlaag. De oogsten gaan nu al achteruit en er blijven steeds minder boeren over. Want als de gemiddelde koffieboer in Colombia zijn gezin niet kan onderhouden, gaan die kinderen het bedrijf niet voortzetten. De voorspellingen zijn dat er over twintig jaar veel minder koffieboeren zijn. Ik verwacht dat daardoor ook de kwaliteit van koffie afneemt. Want juist die kleinere boeren zorgen voor de bijzondere koffiesmaken.”

Wat doet The Coffee Quest om dit te verbeteren?

Ronald: “Vroeger verbouwden boeren naast koffie ook andere gewassen, zoals fruitbomen en bananen. Er was meer diversiteit en er waren minder plantenziektes. Wij willen weer terug naar die vorm van landbouw. De afgelopen jaren hebben we veel geïnvesteerd in het herintroduceren van schaduwbomen. Dat is beter voor de koffie en je ziet de natuur opleven. We horen nu weer vogels en andere dieren op de koffievelden. Als je een farm goed beheert, heb je bijna geen kunstmest en bestrijdingsmiddelen nodig. Diversiteit helpt enorm en een koffieplant kan tegen heel veel soorten onkruid. Er is maar een aantal soorten dat de plant in de weg zit. Die kun je met de hand verwijderen, terwijl je de rest laat staan. Als je dat doet, voedt de bodem zich aan de planten die blijven staan en aan plantresten.”

“Als je een farm goed beheert, heb je bijna geen kunstmest en bestrijdingsmiddelen nodig.”

Ronald de Hommel / The Coffee Quest

Wat is er verder nodig?

Ronald: “Als we de koffiesector op lange termijn gezond willen houden, moeten we koffieboeren de ruimte geven om te investeren in duurzamere productiemethoden. Dat betekent dat de marktprijs voor koffie hoger moet. Daar is een brede beweging nodig, vooral de grote koffiebedrijven moeten een omslag maken. Hun hele businessmodel is nu gebaseerd op die extreem lage prijs. Als zij hun koffie vijftig cent duurder maken, verliezen ze marktaandeel. Maar als alle koffie iets duurder wordt, blijft de consument het gewoon kopen. En dan moeten we nog zorgen dat dat geld op de juiste plek terechtkomt. Bij die boer dus. Met keurmerken en fairtrade-certificaten ben je er niet. De bewuste consument koopt nu misschien fair trade en denkt dat hij goed bezig is, maar fairtrade-koffie is maar een klein beetje minder slecht. Die boeren maken hogere kosten, maar er komt maar een fractie van de extra prijs bij hen terecht. Als het probleem bekender wordt, gaan wellicht ook de grote koffiebedrijven bewegen. Massale communicatiecampagnes kunnen helpen. Dat zie je aan de schandalen rondom de bio-industrie en de opmars van vleesvervangers in de supermarkt. Er is ook regelgeving nodig. En duurzame bedrijven moeten groeien om de druk te verhogen.”

“We moeten koffieboeren de ruimte geven om te investeren in duurzamere productiemethoden.”

Ronald de Hommel / The Coffee Quest

LISANNE OONK / OPRICHTER CULTIVAR COFFEES

Wat is er aan de hand in de koffiesector?

Lisanne: “Je hoort regelmatig dat er boeren zijn die de handdoek in de ring gooien. In Peru zijn de productievolumes de afgelopen jaren al omlaag gegaan. Ondertussen groeit de vraag naar koffie enorm, wereldwijd. Grote producenten uit bijvoorbeeld Vietnam en Brazilië vangen dat deels op, maar het is toch alarmerend. Koffie komt voor zeventig tot tachtig procent van kleinere boeren, dus het totale aanbod zal dalen als prijzen niet structureel hoger zullen zijn. Kortom: als we doorgaan zoals nu, dan zijn al die kleine boeren straks failliet. Maar ik ben optimistisch. Ik denk dat het niet zo ver zal komen. Een interessante ontwikkeling is dat de consumptie lokaal toeneemt. Er zijn steeds meer leuke koffiebarretjes in Peru zelf. Dat drijft de prijzen op. Een branderij in Lima kan namelijk veel meer betalen voor de koffie. Die heeft geen tussenschakels, weinig transportkosten en de productiekosten zijn veel lager in Peru. De beste koffie verkopen de koffieboeren daarom aan afnemers in Peru. Dat is goed nieuws voor de boeren, want die krijgen zo een betere prijs. Voor mij betekent het meer concurrentie. Maar dat is niet erg, het zet de sector op scherp.” 

Wat doet Cultivar Coffees om dit te verbeteren?

Lisanne: “Wij leveren hoge kwaliteit koffie en betalen daar een hogere prijs voor aan de boeren met wie wij werken. Het is wel belangrijk om te beseffen dat zij ook vaak hogere kosten maken en meer risico’s dragen bij de productie van kwaliteitskoffie. Ook andere partijen in de keten zoals coöperaties of importeurs hebben hogere kosten en dragen meer risico als ze werken met kleine hoeveelheden met hoge waarde. Het is dus niet zo dat je bij dure koffie zomaar kan aannemen dat alle extra betaalde euro’s enkel naar de boer gaan.

Wat moet er verder gebeuren?

Lisanne: “Hoe meer deze bedrijven vertellen over hoe de prijzen tot stand komen, hoe meer de grote koffiebedrijven de hete adem in de nek voelen. Op een bepaald moment moeten die ook meer gaan betalen aan de koffieboer. Wat mij betreft zou transparantie over de verdeling van marges en kosten in de keten een vereiste moeten zijn. Handelscontracten moeten inzichtelijk zijn voor alle spelers in de keten. Alleen dan zien boeren iets terug van alle mooie praatjes naar de consument. De consument heeft veel macht met zijn aankoopgedrag, maar het blijft lastig om goed te communiceren naar de eindklant. Het wordt al snel oppervlakkig, omdat het een complexe situatie is en het behapbaar moet blijven. Toch zie je ook daar interessante ontwikkelingen. De ‘specialty coffee’-markt groeit al jaren en de interesse voor de oorsprong van koffie groeit. Dat kun je zien als een bewijs dat mensen in ieder geval bereid zijn om meer te betalen voor kwaliteit. Maar voorlopig is het nog een kleine markt die voornamelijk bestaat uit millennials en tweeverdieners.”

“Een interessante ontwikkeling is dat de consumptie lokaal toeneemt. Er zijn steeds meer leuke koffiebarretjes in Peru zelf. Dat drijft de prijzen op.”

Lisanne Oonk / oprichter Cultivar Coffees

DIT IS: LENNART CLERKX

Lennart Clerkx richtte This Side Up Coffees op om branders én boeren te inspireren samen op te trekken, met als doel de koffiesector gelijkwaardiger en transparanter te maken. Hij inspireert daarmee betrokken ondernemers over de gehele breedte van de markt: van oorsprong tot de uiteindelijke afzetmarkten.

Wat is er aan de hand in de koffiesector?

Lennart: “De grootste bedreiging voor de koffiesector is de scheve machtsverhouding. De top vijf branders domineert zeventig procent van de markt. Hun inkoopmacht is zo groot dat ze hele landen kunnen uitbuiten. En dat gebeurt ook. Ze kopen steeds meer bedrijven op. Behalve de koffieplantages zelf, want dat is te risicovol. De prijs die deze grote branders betalen aan koffieproducenten is veel te laag. Driekwart van de boeren verkoopt koffie voor een prijs die lager ligt dan de productiekosten. Veel koffieproducenten leven in armoede. Als ze de mogelijkheid krijgen, verruilen ze de koffieproductie voor een beter bestaan. De lage prijs en armoede zorgen ervoor dat koffieboeren steeds minder kennis hebben over duurzame landbouw. De bodem verslechtert, de kwaliteit van koffie wordt nauwelijks verbeterd en er is geen geld om investeringen te doen in andere koffiegewassen. Als er een mutatie komt van een hardnekkige schimmel, een soort ‘koffiecorona’, dan is het afgelopen.”

Wat doet This Side Up Coffees eraan om dit te verbeteren?

Lennart: “Die boer moet meer betaald krijgen. Dat geld is er wel, maar komt niet bij hem terecht. Dat gaat naar grote koffiebedrijven en alle andere schakels in de keten. Op de beurs wordt door een paar mensen extreem veel geld verdiend. Wij hebben directe handelsrelaties met de koffieboeren en zorgen ervoor dat ze een goede prijs krijgen voor hun product. Daardoor ontstaat er ruimte om te investeren in duurzame productie.

We werken ook op basis van een gelijkwaardige relatie met producenten. We willen dat de boer meer regie heeft over de keten en zelf kennis kan opdoen over duurzame landbouw, kwaliteit en de juiste afzetkanalen. Dat werkt heel goed en scheelt uiteindelijk veel tijd en geld.

Ook voor de grotere koffiebedrijven zou dit veel voordelen kunnen hebben. Daar zijn geen grote overheidsinvesteringen voor nodig. Het begint met het betalen van de juiste prijs. Met een kickstart, internet en de juiste connecties kom je al heel ver.”

Wat moet er verder gebeuren?

Lennart: “Van een kopje koffie gaat nu maar twee procent van de verkoopprijs naar de boer. Als je dat verdubbelt, is het al goed. Als consumenten bovendien direct met hun aankoop kunnen investeren in een verbetering van de omstandigheden, weet ik zeker dat steeds meer mensen dat gaan doen. Het is niet meer alleen de stadse elite die bewust consumeert. Dat geld moet dan natuurlijk wel bij die boer terechtkomen. Via directe handelsrelaties met producenten en meer transparantie bijvoorbeeld. Er zijn steeds meer bedrijven die echt transparant durven te zijn en laten zien waar het geld blijft in de keten. Dan maak je het overzichtelijk voor de consument. Daar zijn we echter nog lang niet. Je ziet bij grote bedrijven al wel steeds uitgebreidere CSR-programma’s, maar ze zijn nog allesbehalve bereid om een hogere prijs te betalen. Soms zijn ze aan de ene kant de prijs aan het drukken en aan de andere kant ‘specialty segmenten’ aan het opzetten. Daarom is het belangrijk dat we dit verhaal blijven vertellen. Op een gegeven moment zullen ze wel moeten.”

“Het begint allemaal met meer inzicht in die keten. Dan kun je toewerken naar een eerlijke verdeling van inkomsten.”

Lennart Clerkx / This Side Up Coffees

Ontdek ook het verhaal achter onze thee:

MEER WETEN OVER DIT ONDERZOEK?

Volg MVO Nederland op Twitter of LinkedIn, of neem contact op:

contact@mvonederland.nl

+31 (0)30 2305600